Oh jongens ik vond het maar wat spannend. Afgelopen vrijdag had ik mijn allereerste podcastinterview. Op zich is dat wellicht niet zo heel erg spannend, maar het onderwerp was voor mij wel een dingetje. Het ging over mijn moeder en met name over haar ziek zijn, haar overlijden en de periode daarna.

De podcast met Deisy is onderdeel van acht andere podcastinterviews over hetzelfde onderwerp. Deisy verloor haar moeder anderhalf jaar geleden na een lange periode van ziek zijn. Zij kon wel informatie over rouw vinden, maar ze ervaarde dat het verlies van je moeder op zo’n jonge leeftijd zo anders is. Niet erger of minder erg, maar gewoon anders. Daar informatie over vinden was lastiger. Nu wil ze graag andere (jonge) vrouwen helpen. De podcast zijn onderdeel van het platform dat er aan zit te komen.

Ik zei “ja” tegen het interview omdat ik het supertof vind dat zij van zoiets verdrietigs zoiets moois wil maken. Ik hoop dat andere vrouwen iets hebben aan mijn verhaal. Dat ze er hoop uit kunnen putten. Het verlies van je moeder (van wie dan ook) is zwaar, maar je komt er “doorheen”.

Uiteraard heb ik het wel vaker over mijn moeder. Meestal door middel van een mooie herinnering. Op deze manier over haar praten, heb ik eigenlijk nooit gedaan. De vragen kreeg ik op verzoek van te voren zodat ik er al een beetje op voorbereid was. Van te voren dacht ik “Oh jee, daar heb ik nooit over nagedacht of daar heb ik geen last van bijvoorbeeld. Volgens mij ben ik daar een te nuchter geval voor. Dit wordt vast een raar gesprek, waar ik helemaal niemand mee help en dat ze denken wat is dat voor raar mens”. Naar mijn idee is het echter wel een heel mooi gesprek geworden.

Toch ging het achteraf niet helemaal zoals ik van te voren had gehoopt. Ik ben dingen vergeten, die ik wel belangrijk vond om te zeggen. Ik kwam er gewoon niet op en/of het kwam niet ter sprake. En ik heb dingen gezegd waarvan ik achteraf dacht “Eh… was dat nou nodig. Wat gek dat je dat zei”. Ik heb het express niet uit het interview laten halen. Het is zoals het is. Dit is wie ik ben. De vragen waren een leidraad uiteraard en het was de bedoeling dat het een mooi gesprek werd natuurlijk en niet alleen vraag en antwoord. Daarom besloot ik dit blog te schrijven. Zodat ik alsnog datgene kan delen wat ik sowieso wilde delen. Het wordt een lang blog…

Mijn verhaal start begin juni 2004. Toen kreeg mijn moeder haar eerste toeval. Wij dachten dat het een tia was en de huisarts ging daar ook van uit. Er werd wel een afspraak gemaakt voor onderzoeken. Dat vond plaats op 1 juli. In de periode na de eerste toeval volgden er meer. Mijn moeder werd er onzeker van en wij zeer ongerust. En terecht bleek achteraf.

Op 1 juli kwam het vonnis, zoals ik dat noem: longkanker met uitzaaiingen in haar hoofd. Ze hadden scans gemaakt van haar hoofd en ontdekt dat er tumoren zaten. Omdat zij longpatiënt was en er bij longkanker vaak uitzaaiingen in het hoofd voorkomen, werd er een link gelegd en daarom een longfoto gemaakt. Daarop was een grote tumor te zien. Toen de arts haar dossier opende, kwamen we er achter dat er anderhalf jaar daarvoor een controle foto was gemaakt, maar dat deze niet was bekeken. Op die foto was ook al een tumor te zien, maar omdat haar arts de foto niet had bekeken, was er dus ook niets mee gedaan…

Fouten kunnen worden gemaakt, we zijn immers allemaal mens. Deze fout was voor ons echter niet te begrijpen. Heel eerlijk? In die tijd heb ik wel eens gedacht dat als ik haar arts voor de auto zou krijgen, ik een dot gas zou geven. Ik zou ‘m compleet afmaken dacht ik bij mijzelf.

Lang heb ik gedacht “Wat als ze die foto wel hadden gezien? Wat was er dan gebeurd? Was ze er nog geweest? Had ze dan veel te lijden gehad onder allerlei behandelingen?”. Dat vraag ik mij al heel lang niet meer af, want het heeft geen enkele zin. Het verandert niet wat er is gebeurd. Het verandert helemaal niets aan de situatie. Ik krijg haar er niet mee terug en dus heb ik het los gelaten. Niet makkelijk, wel noodzakelijk voor mij.

Na de diagnose ging het snel achteruit en belandde mijn moeder in het ziekenhuis. Heel even leek het ietsje beter te gaan. Maar 20 juli, nog geen 3 weken na de diagnose, overleed zij op 55-jarige leeftijd.

Mijn moeder was mijn moeder, maar naarmate ik ouder werd ook steeds meer een vriendin. Op mijn 23ste en 24ste gingen we weekendjes weg samen, naar Parijs en naar Brussel. Heerlijk die quality-time met mijn mams. Dat zijn zulke mooie herinneringen, evenals de vakanties vroeger samen met mijn vader en mijn broer. De dagjes uit, het samen winkelen, maar ook gewoon gezellig samen babbelen.

De eerste weken na het overlijden waren onwerkelijk. Er moest van alles geregeld worden, dus ik ging in een soort van overlevingsstand denk ik. Ik had het gevoel dat ik voor mijn vader moest zorgen en ook een soort van zorgen voor mijn broer en ook voor mijn oma. Ik had het mijn moeder ook beloofd dat ik dat zou doen. In mijn hoofd was alles heel zwaar en had ik het gevoel dat ik voor alles en iedereen moest zorgen, zeker toen ook nog mijn schoonmoeder een paar jaar later overleed, ook op 55-jarige leeftijd. Al die zorgen (vooral in mijn hoofd), maar uiteraard ook andere zaken, maakten dat ik op mijn 30ste met een burn-out van heb ik jou daar thuis kwam te zitten. Het was klaar en ik moest met mijzelf aan het werk. Het moest anders.

Het meest rauwe moment was haar overlijden zelf. Ik was als enige bij haar, samen met een verpleger die mij probeerde te kalmeren. Was niet zo makkelijk kan ik je vertellen. Aan de ene kant was het mooi dat ik bij haar was, maar aan de andere kant is het ’t meest verschrikkelijke dat ik ooit heb meegemaakt. Iemand dood zien gaan, de laatste adem uit zien blazen is intens moeilijk en verdrietig. Dat is echt zoiets waar ik niet zo goed over kan praten. Nog steeds niet.

Een paar dagen voor zij overleed zei ik tegen een collega dat ik echt niet zonder mijn moeder zou kunnen. Dat was onmogelijk. We zijn nu echter bijna 18 jaar verder en ik ben er nog haha. En het gaat beter dan ooit.

Er is niet één herinnering die ik kan opnoemen, die zal weergeven hoe zij was. Ze was een ontzettende lieverd en ik kon heel fijn met haar praten. Ze oordeelde nooit. Ik mocht altijd bij haar uithuilen. Ze stond heel positief in het leven. En wat ik heel mooi vond aan haar, is dat ze mij altijd een keuze liet of in ieder geval het idee gaf dat ik zelf een keus kon maken. Mijn haren gaan altijd rechtovereind staan als mensen mij zeggen dat ik iets moet doen, als ik het gevoel krijg dat ik word gedwongen. Mijn moeder gaf altijd haar mening en dan zei ze: “Linda (zij noemde mij nooit Lin, wel af en toe Lindeke 😉 ), dit is hoe ik erover denk. Kijk maar wat jij er mee wilt. Wat jij wilt doen.”. En ze zei ook: “Het maakt mij niet uit met wie je thuis komt, wit of zwart of alles daar tussen in, uit welke cultuur dan ook, maar als je thuiskomt met iemand uit een andere cultuur, dan wil ik dat je iets over die cultuur leert. Dat je weet wat het inhoudt. Dat vond ik zo mooi. Zeker omdat ik weet uit wat voor gezin zij kwam.

Ik zag mijn moeder als een hele lieve, sterke, mooie vrouw. Heel af en toe heb ik het er wel eens over met vriendinnen die haar hebben gekend en die zeggen ook allemaal dat ze zo lief was. En dan moet ik soms zo lachen als we het hebben over vroegah, dat ze graag bij mij kwamen spelen, want dan kregen ze twee koekjes in plaats van eentje thuis of wat fruit. Zo grappig dat ze dan juist die dingen hebben onthouden.

Het gevoel “het is goed zo” heb ik denk ik nooit gehad. Wel heb ik toen de eerste coronaberichten er waren, gedacht dat ik het fijn vond dat zij dat niet mee hoefde te maken als zijnde longpatiënt.

Ik heb geen spijt van dingen die ik niet tegen haar heb gezegd of niet met haar heb gedaan. Maar ik had haar wel willen zeggen dat ik van haar hield en dat ik zo gek met haar was en willen bedanken voor alles wat ze voor mij heeft gedaan. Dat heb ik nooit gedaan. Dat gebeurde eigenlijk niet bij ons thuis. Er werd bij ons wel op andere manieren duidelijk gemaakt dat we gek met elkaar waren/zijn.

Wat ik heel graag mee wil geven aan vrouwen (ook mannen natuurlijk) is dat het nu misschien zoooo zwaar voelt, zo intens verdrietig dat je denkt dat het nooit meer goed komt, is dat het lichter wordt. Weet je, het gemis gaat niet weg. Ik mis mijn moeder nog steeds, maar het voelt anders. Niet meer zo zwaar. Lichter, meer draaglijk.
Maar wat ik ook heel graag wil zeggen is dat het verdriet of gemis je soms ineens overvalt. Dat is niet alleen de eerste periode. Dat kan ook na 10 of 20 of 30 jaar. En ik wil graag dat je weet dat dat oké is. Ik wil graag dat je weet dat het verdriet er mag zijn.
Mensen willen graag dat je doorgaat, dat je blij bent, dat het goed met je gaat, maar die dingen kunnen naast elkaar bestaan. Het kan heel goed met je gaan en dat je toch ineens een verdrietig moment hebt.

En als laatste een boodschap (of soort van) aan de mensen die willen reageren op of iets willen doen voor iemand die een dierbare is verloren. Er is geen goed of fout.
De laatste tijd hoor en lees ik zo vaak over wat je wel of niet moet doen voor en wel of niet moet zeggen tegen iemand die net een dierbare is verloren (maar ook als iemand ziek is bijvoorbeeld). Onzin vind ik dat. We zijn allemaal verschillend. Er is geen goed of fout.
Het is vaak al zo moeilijk om iets te zeggen of te doen, want je wil het goed doen. Op deze manier wordt het alleen maar nog moeilijker, want zo kun je het bijna niet goed doen.
Als jouw reactie uit je hart komt, dan is het altijd goed. Onthoud dat alsjeblieft en weet je echt niet wat je moet zeggen? Stuur een hartje. That’s it. Laat iemand weten dat je aan hem/haar denkt. Meer is er niet van.
Laat het los, ook als zijnde ontvanger. Soms hoor je misschien een reactie dat je denkt “F*ck off, hoe kun je zoiets zeggen. Je begrijpt er niets van”. Weet dan dat het uit een goed hart komt en het vaak troostend bedoeld is. Soms begrijpen anderen er inderdaad niets van, simpelweg omdat zij het (gelukkig) nog niet hebben meegemaakt.

En als aller allerlaatste. Heb je de kans om een weekendje er op uit te gaan met je moeder (of met je vader, je broer, je zus of een andere dierbare)? Pak die kans dan met beide handen. Maak mooie herinneringen samen. Je denkt er misschien niet over na of je wil er niet over na denken, maar het kan zomaar ineens voorbij zijn en dan zijn er geen herinneringen meer om te maken. Dan moet je het doen met de herinneringen die je hebt. Geniet van elk moment lieve mensen. Liefs voor jullie

Dit vind je misschien ook interessant...

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.